Nefrotisch Syndroom

Uitleg over het Nefrotisch Syndroom

Bij het nefrotisch syndroom gaat het over een syndroom waarbij er een meer dan normale uitscheiding van eiwitten in de urine plaats vindt.
De klachten treden op als gevolg van verschillende ziekteprocessen.
De immunologische factoren spelen een grote rol.
Er wordt bij het nefrotisch syndroom ook wel gesproken over een klinische manifestatie van nierlijden.
Deze bestaat uit vier aspecten, om te beginnen is er proteïnurie, dit is een groot eiwitverlies met de urine, als tweede is er oedeem, dit komt met name in de benen voor, als derde is er hypoalbuminemie, dit is een te laag eiwitgehalte in het bloed en als laatste is er hyperlipidemie, dit is een te hoog vetgehalte in het bloed. Het nefrotisch syndroom komt niet zo vaak voor, namelijk maar bij 2 op de 100.000 kinderen (per jaar).
Bij ongeveer 1/3 van de mensen die aan het nefrotisch syndroom lijdt, is duidelijk te zien hoe het ziektebeeld tot stand is gekomen, maar bij sommige mensen is er eerst meer onderzoek nodig omdat het niet direct vastgesteld kan worden.

Diagnose van het Nefrotisch syndroom

De diagnose bij het nefrotisch syndroom is gericht op het primair onderzoeken naar een onderliggende ziekte.
De anamnese en het lichamelijke onderzoek spelen hierin de belangrijkste rol.
Er kan altijd aanvullend onderzoek gedaan worden, dit betreft dan een uitgebreid bloed- en urine onderzoek Als de onderliggende oorzaak bekend is na onderzoek dan kan dit syndroom behoorlijk goed worden behandeld.
Er wordt vaak gekeken welke vorm van therapie er het beste bij kan passen en dan wordt het behandelprogramma besproken om zo het nefrotisch syndroom adequaat aan te kunnen pakken.